Partnerrelaties: hoe werkt dat? Een boeiende theorie.

    De Noordkant
    By De Noordkant

    Als we toevallige omstandigheden buiten beschouwing laten, blijkt er voor een partner-relatie- conflict meestal een nauw omschreven grondthema te zijn.  Dit voor de partners gemeenschappelijke thema vormt een gemeenschappelijk onbewuste. 

    De vier patronen van het onbewuste samenspel van de partners 

    • Het narcistische relatiethema; in hoeverre vereist een relatie van mij dat ik mij voor mijn partner wegcijfer, en in hoeverre kan ik mezelf blijven ( ontwikkelingsfase van het kind, de eerste zes maanden )   

    Het ideaal van deze liefdesrelatie is het bereiken van harmonie in versmelting. Dat dit onmogelijk is vervult beide partners met woede en diepe ontgoocheling. Nieuw en onverwacht is voor hen de ervaring dat ze elkaar meer nabij kunnen komen door zich duidelijker van elkaar te leren onderscheiden.

    • Het orale relatiethema: tussen moeder en kind kan al in de vroegste levensfase een samenspel van conflicten ontstaan, dat de basis legt voor latere relatiestoornissen ( ontwikkelingsfase van het kind rond het eerste jaar )

    Het beste kan men zich deze relatie zo voorstellen, dat de één als ‘moeder’ de ander als hulpeloos ‘kind’ moet verzorgen. En waarbij de onuitgesproken veronderstelling heerst dat de hulpvaardigheid van de één onuitputtelijk en vrij van aanspraken op tegenprestaties dient te zijn, en dat van de hulpbehoevende partner niet geëist kan worden dat hij zichzelf redt. Hierdoor ontstaat regressie aan beiden zijden. Nieuw en aanvankelijk angstaanjagend is voor hen de opvatting dat de ‘verzorgde’ nu zelf verzorgende taken ten behoeve van de ‘verzorger’ op zich zou moeten nemen.

    • Het anaal sadistische relatiethema: elkaar geheel toebehoren  ( anaal sadistische ontwikkelingsfase van het kind van het 2de tot het 4de levensjaar )

    Bij de actieve vormen van anale karakters, de heerszuchtige en sadisten, wordt gemakkelijk over het hoofd gezien dat deze karaktervormen een afweer zijn tegen de angst om overheerst te worden en de mindere te zijn. Middelen om de ander in de afhankelijke positie te houden zijn ordelievendheid, pietluttigheid, vitterigheid en zuinigheid.

    De passief anale karakters trachten hun partners te overheersen door zich schijnbaar door hem te laten overheersen. Men beschermt zichzelf door middel van passiviteit. Op het vlak van orde en netheid bijvoorbeeld, lukt het de passief anale mens zich aan zijn partners aanspraak op overheersing te onttrekken door ‘vergeetachtigheid’en ‘onhandigheid’.

    Het doorlopende getwist is het resultaat van de angst, de mindere van de andere te worden zodra men de minste zwakheid toont. Het gaat bij het nastreven van macht vooral om de overwinning van het gevoel van de eigen onmacht.  

    De ‘heerser’ zou zijn verlangen naar afhankelijkheid moeten leren accepteren; de ‘onderdaan’ zou zich vrijer moeten gaan voelen ten aanzien van zijn behoefte aan autonomie en eigen activiteiten.

    • Het fallisch – oedipale relatiethema: mannelijke bevestiging, de hysterische relatie ( fallisch oedipale ontwikkelingsfase van het kind van het vierde    tot het zevende levensjaar)

    Beiden partners hebben zich meestal niet los weten maken van de ouder van het andere geslacht en beiden hebben meestal geen voorbeeld gehad in de ouder van hetzelfde geslacht waarmee ze zich konden identificeren.

    Liefde en haat jegens de ouder van het andere geslacht is met iedere heteroseksuele relatie verweven. De progressieve fantasie is het idee dat de partner zich overal als een held moet waarmaken maar dat de andere partner hem – regressief – om zijn prestaties dient te bewonderen. 

    ***

    In het partnerschap heeft ieder individu met deze wisselwerkingen te maken: op het ene moment met het regressieve - en op het andere moment met het progressieve aspect.

    Ieder mens ervaart en gedraagt zich als persoonlijkheid anders, afhankelijk van de partner met wie hij in interactie staat. Zo voelt hij zich bijvoorbeeld tegenover A superieur maar tegenover partner B minderwaardig, met partner C wordt hij woordvoerder en verhalen verteller, met partner D voelt hij zich bevangen en geremd, partner E wekt zijn behoefte om te helpen en troosten en bij partner F voelt hij zich geborgen, met partner G gedraagt hij zich neurotisch maar met partner H volkomen gezond.

    Literatuur :  De partnerrelatie ( Jürg Willi )

    De Noordkant

    De Noordkant

    Ik ben een gediplomeerde en erkende Master Coach en Master Counselor
    Full description

    Het is mijn overtuiging dat bewustzijnsontwikkeling de sleutel is tot blijvende verandering. Wat gebeurt er en waarom gebeurt dat? Ik wil je daarbij graag helpen.
    Coaching vergroot je zelfinzicht en...